Plotsling patiënt: Het infarct

De wekker gaat ,een jonge vrouw wordt wakker. Het regent “Dit wordt weer zo’n natte dag,” zegt ze tegen haar vriend. Ze staat op om te plassen. Haar hoofd lijkt er niet bij. Dus gaat ze weer liggen. Dat voelt ook niet goed. Ze gaat weer staan. Haar vriend vraagt, “Is er wat?” Ze haalt adem voor een antwoord, maar de woorden komen niet. Hij herhaalt zijn vraag. Weer ademt ze in – weer komt er niets. Een vreemd soort leegte maakt zich van haar meester. Ze denkt, ik zou nu in paniek moeten raken. Maar ook dat gebeurt niet. Haar vriend neemt haar in zijn armen. Ze denkt krampachtig; ik moet gaan praten. Praat. Praat! PRAAT!!! Maar de woorden blijven weg.

De woordeloze naakte vrouw naast het bed ben ik.

En ik denk nu, eerst plassen dan praten! Mijn rechterbeen werkt niet echt mee dus ik strompel meer dan dat ik loop. Mijn vriend dribbelt achter me aan. “Zeg dan iets!” Als ik bij de keuken ben weigert mijn been alle beweging. Ik probeer het met mijn handen op te tillen; het is loodzwaar. Op dat moment merk ik dat ik op de tegels plas. Plotseling schiet me een aflevering van House te binnen, waarin een fotografe een TIA krijgt. De aflevering begint ermee dat de fotografe op schoolse wijze de vijf TIA-symptomen opsomt.  Dus gebaar ik ‘vijf’ naar mijn vriend. Hij vraagt, “Is er iets met je hand?” Ik herhaal de beweging maar hij snapt het niet: mijn vriend is niet zo’n Housefan. Hij heeft inmiddels wel 112 gebeld. Er is een ‘eerstehulpmotormuis’ onderweg maar die doet er lang over. Mijn situatie verslechterd; ik kan mijn rechterarm steeds minder goed bewegen.

De bel gaat. De motormuis stapt oogverblindend geel de woonkamer binnen. Hij stelt mij vragen maar ik kan nog steeds niet praten en het verschil tussen ja knikken en nee schudden vervaagt met elk antwoord. Mr Mouse stelt voor dat ik mijn antwoorden opschrijf. Dat kan ik wel, met links dan. Mijn vriend merkt het. Met moeite schrijf ik ‘TIA’. De motormuis zegt: “Dat kan niet, daar is ze te jong voor.” Maar ik kan inmiddels niet meer rechtop zitten en dus bestelt mijn nieuwe fluorescerende vriend met spoed een echte ambulance. Die komt snel. 

In mum van tijd beland ik op een brancard en word, onder toeziend oog van nieuwsgierige buren, het huis uitgereden om zo snel mogelijk naar een ziekenhuis afgevoerd te worden.